
Vandaag stonden Melissa en Romy weer in het olympische Snow Park in Livigno. Na een paar dagen pauze van de wedstrijden en wat rustige trainingsruns is het nu weer tijd om te focussen. Maandag 16 februari staat namelijk hun tweede evenement van de Olympische Winterspelen op de agenda: de slopestyle. Morgen hebben ze nog een trainingsdag, zondag rust en dan is het maandag weer tijd voor actie. De omschakeling van de big air naar de slopestyle ging voor Melissa alles behalve vlekkeloos; Romy was iets relaxter en geniet vooral van het feit dat ze haar hobby op het hoogste niveau mag beoefenen. Lees hieronder wat de meiden te zeggen hadden na hun eerste trainingsdagen.
De trainingsdag startte moeizaam voor Melissa. Het eerste uur verliep allesbehalve soepel; ze vroeg zich zelfs af wat ze daar eigenlijk stond te doen. Maar plots viel alles op zijn plek. “Ik dacht eerst echt: wat ben ik hier aan het doen? Maar daarna klikte alles. In een paar runs vielen alle puzzelstukjes op hun plek. Binnen een uur ging ik van niks kunnen naar mijn volledige wedstrijdrun. Daar ben ik heel blij mee, want nu heb ik de basis staan en kunnen we nog wat upgrades oefenen.”
Nu kan er gewerkt worden aan details en upgrades, zoals het finetunen van de frontside met verschillende grips om te kijken wat het beste werkt. Melissa hoeft niet meer te zoeken naar een plan: de run staat en die is sterk. Alle puzzelstukjes zijn op zijn plek gevallen.
De omslag zat vooral in vertrouwen: vertrouwen in zichzelf, vertrouwen van haar coach Jaccomo en vertrouwen in haar coach: "Ik heb de tape van mijn knie af gehaald en even bij Jaccomo staan janken. Hij zei: “Je doet het goed. Vertrouw op jezelf. Geen onzekerheid.” Maar soms sluipt dat er toch in. Toen riep hij: “Doe dit, doe dat!”, en ik dacht: oké, f*ck it, ik doe het gewoon. En het lukte.” vertelde ze.
"Vertrouwen in en van je coach is misschien wel het belangrijkste wat er is. Natuurlijk moet je ook op jezelf vertrouwen, maar soms raakt dat even verder weg. Dan is het goud waard dat je coach zo in je gelooft en precies weet wat je kan. Soms moet je dan even niet naar je eigen gevoel luisteren. Dat hoort bij deze sport.” - mooie woorden van Melissa.

Romy van Vreden is de jongste Nederlandse Olympiër en geniet met volle teugen van het feit dat ze haar hobby op het hoogste niveau ter wereld mag uitoefenen. Ze vertelde: “De sfeer onderling in het snowboarden is heel relaxed. We reizen het hele seizoen samen de wereld over – van wereldbekers naar WK’s en nu de Olympische Winterspelen. We zitten vaak in dezelfde hotels, trainen samen en zoeken elkaar ook buiten het snowboarden op. Daardoor bouw je echt een andere band op dan alleen die van concurrenten. Het voelt soms gewoon als een grote familie."
En hoewel ze tijdens een wedstrijd allemaal concurrenten van elkaar zijn, is dat voor en na de wedstrijd totaal niet te zien. Zo vervolgt Romy: “Tijdens trainingen rijden we met elkaar, pushen we elkaar en helpen we elkaar als het nodig is. En na een wedstrijd sta je vaak gewoon weer gezellig samen. Dat is echt zo. Natuurlijk, als je boven op die berg staat, dan gaat het om winnen. Dan is het ieder voor zich. Mijn run is mijn run. Je gaat alleen naar beneden en je moet het zelf doen. Maar daarna gunnen we elkaar ook gewoon een goede wedstrijd.”
"Het is een jurysport, dus er zal altijd discussie zijn. Dat hoort erbij. Soms zijn er meiden die het ergens niet mee eens zijn, maar uiteindelijk weten we ook: dit is onze sport en zo werkt het. En ondanks dat blijft de sfeer onderling gewoon goed. We willen allemaal het beste uit onszelf halen, maar dat betekent niet dat het ongezellig of afstandelijk wordt. Integendeel eigenlijk.” - aldus, een genietende Romy.